Het onderbuikgevoel

2 min leestijd: Er klopt iets niet. De klachten worden erger, maar dit is totaal niet volgens de verwachting. Het onderbuikgevoel als therapeut geeft signalen af. Wat doe je dan?

2 minuten leestijd

Mijn onderbuikgevoel begint te werken. Dit is raar denk ik. In de afgelopen jaren heb ik al veel versies gezien van rugklachten (met en zonder hernia’s, osteoporose etc.), maar dat de klachten op deze wijze terug komen is niet volgens een patroon dat ik ken.

Voor mij zit een cliënt die ik al een tijdje niet had gezien omdat het steeds beter ging. Tot vorige week. Sterke pijn in de rug met uitstraling in de benen, maar ook op het heupgewricht zijn er klachten. Dit kan voorkomen, maar nu gaf mijn gevoel aan dat het niet klopte.

Tijdens de 4-jarige hbo-studie tot oefentherapeut Cesar/ oefentherapeut Mensendieck komen veel klachtenbeelden voorbij. Daarnaast trainen we om door middel van een aanpassing in het houding- en beweeggedrag van de cliënt, de klachten te verminderen of te laten verdwijnen zodat ze weer volop kunnen meedoen in de maatschappij.
Dat is nogal breed, want voor iemand die zijn kantoorwerk niet kan uitvoeren door een hernia moeten we als therapeut andere dingen doen dan bij iemand met lage rugklachten wanneer hij naar zijn werk fietst. Laat staan wanneer de cliënten een heel ander klachtenbeeld laten zien zoals: MS, hoofdpijn, hyperventilatie, burn-out, nekklachten, evenwichtsproblematiek etc. Totaal verschillende klachten van allemaal verschillende mensen met allemaal verschillende hulpvragen.
Dat is precies wat ik zo leuk vind aan mijn beroep als algemeen oefentherapeut.  Het laat je breed kijken en je moet breed kunnen analyseren.
Het onderbuikgevoel kan helaas niet worden aangeleerd, al hebben mijn stageplekken hier vroeger wel een goede bijdrage aan geleverd. Door klinisch te kunnen beredeneren wat er gebeurt, kan je ontdekken waar de problemen liggen van de cliënt.

Nu zit er een gedreven cliënt voor me. Iemand die met veel aandacht en toewijding begonnen is aan het herstelproces. Het herstel ging super en ineens is dat over. De cliënt en ik gaan op onderzoek uit en ik luister nauwkeurig naar het verhaal wat er me wordt verteld. De pijn neemt toe de mobiliteit licht af. Naast bepaalde uitstraling is er nu ook op verschillende plaatsen drukpijn en toenemende extreme vermoeidheid.

Daar zijn daar de alarmbellen, het onderbuikgevoel of hoe je het ook wilt noemen. Dit herstel past niet in het verwachte patroon bij deze cliënt met alles wat die persoon doet.
Ga terug naar de huisarts is mijn advies. Jij weet het meest over je eigen lichaam en hoe dit voelt en zou moeten voelen. Ik ben opgeleid tot oefentherapeut en weet vanuit dit vak veel, maar dit kunnen we nu niet samen oplossen. Het is tijd om te kijken of ander onderzoek meer oplevert. 

Ik ben minstens net zo benieuwd als de cliënt of daar iets uit komt. We wachten de uitslagen (on-) geduldig af.

Ken jij dat onderbuikgevoel van jezelf? Wat doe jij ermee?

Er klopt iets niet. De klachten worden erger, maar dit is totaal niet volgens de verwachting. Het onderbuikgevoel als therapeut geeft signalen af. Wat doe je dan

Verschillende loopjes

Ik ken de hakkenlander, de tenenloper, de hanger, de benenschopper en nog meer. Wat voor ”loper’ ken of ben jij?

2 minuten leestijd

Lekker mensen kijken
In de stationshal zie ik veel mensen lopen. Langzaam, snel, grote en kleine passen. Dan hoor ik het geluid van een haklanding naderen. Het klinkt als een harde landing met relatief grote passen en lichte haast. Je kan bijna horen dat deze persoon het gewicht op zijn hielen heeft. Ik kijk naar rechts en zie een jongeman ferm doorstappen. Check! Gewicht hangt naar achteren op zijn hielen. Hij gooit zijn benen naar voren en zijn voeten naar buiten. Een mooi typisch loopje dat nog wel eens problemen kan geven in de achillespees. Knie- of rugklachten zouden ook niet vreemd zijn bij zo’n soort loopje. 

Allerlei soorten en maten
Zo heb je de hakkenlander, de tenenloper, de hanger, de benenschopper, de gebogen man/vrouw, het waggelen, de eendenvoetjes of degene met ‘swag’, Weet jij er nog één?

Hielspoor
Tijdens een intake heb ik een man voor me. Hij houdt van aanpakken en heeft een praktisch beroep. Hij heeft hielspoor en last van zijn onderrug. Naar verwachting zal hij zwaar op de hak van zijn veiligheidsschoenen landen. Dit klopte. Ook hij gooide zijn onderbenen wat vooruit, maar dat past goed in dit patroon en is niet verrassend. Tijdens de behandelingen hebben we de landingsfase van het lopen aangepast. Dit hebben we gedaan door het lichaamsgewicht goed boven de voeten te plaatsen en de klachten zijn afgenomen doordat de druk nu geheel anders verdeeld werd over de voet.

Huppen
Een bezige bij zit voor mij tijdens een andere intake. Het huishouden draaiende houden is haar grootste taak met de zorg voor 3 kinderen. Ze heeft een paar vriendinnen waar ze geregeld mee afspreekt en zit ook nog op volleybal. Ze heeft nek- en schouderspanning. Sinds kort ook lage rugklachten en in de nacht kuitkrampen. De verwachting van opgetrokken schouders bleek te kloppen en de holte in de onderrug (lordose) was wat vergroot met een verhoogde spierspanning.  Ze landde op de binnenkant van haar voeten en meer op de bal van de voet dan het midden. Ze ‘hupt’ zichzelf naar voren. Door de spierspanning meer naar het basisniveau te brengen en meer een ‘laid back’ instelling te hanteren tijdens het lopen wikkelt ze anders. Hierdoor worden de kuiten minder intensief gebruikt en kan de wervelkolom goed kan opstapelen. Dit heeft als gevolg dat de ze de spanning in de onderrug en schouderpartij wat verlagen.

Verschillende types, zie jij ze?
Je hebt veel verschillende types met bijpassende looppatronen. Als therapeut heb je al snel een eerste indruk wanneer iemand je voor gaat van de wachtkamer naar de behandelruimte toe.
Maar als niet-therapeut zijnde zie je ook een heleboel. Met mijn stagiaires ga ik geregeld naar buiten en kijken naar wat je ziet. Bijvoorbeeld naar de stand van alle schouders van de mensen die voorbij fietsen. Een andere opdracht is ook dat ze dan moeten zeggen wat het eerste is dat opvalt in het beweegpatroon van iedereen die voorbij komt. Lopend, fietsend of autorijdend.

Dit kan jij ook! Kijk en luister maar eens hoe iedereen de voeten plaats. Dan zal je ineens merken dat er grote verschillen in zitten.

Weet jij van jezelf wat typisch is aan je loopje? Laat het me weten!

www.debeweegtherapeut.nl

Hangen is overbelasten

2,5 min. leestijd -Hangen in je gewrichten en banden; iedereen doet het ongemerkt zo regelmatig. Je doet er niks voor, maar je lijf is eigenlijk heel hard aan het werk! Hier kan je behoorlijk door overbelasten.

2,5 min. leestijd

Lekker hangen
Terwijl ik wat klets met collega’s in onze keuken voel ik dat ik op één been sta. Ik hang lekker in mijn heupgewricht. Hup, weer even recht op staan! Het is aan het einde van een intensieve dag en ik merk dat mijn hoofd en lijf moe zijn. Het is dan lekker makkelijk om te gaan hangen in je lijf. Doe jij dat ook?

Hoofd, schouders, kniëen …. au
Je kunt op allerlei plekken hangen. Dan bedoel ik niet in het park, maar in allerlei plekken van je lijf. In je enkels, je knieën, je heupen, je onderrug, je bovenrug, je nek en met je hoofd. Het kan ook nog allemaal tegelijkertijd ook! Kun je je er iets bij voorstellen?

Wanneer je dit doet, rek je je gewrichtsbanden op en zet je een constante spanning op die banden (en spieren), die daar helemaal niet hoort. En, nog belangrijker, de spanning die er wél hoort , die vraag je dan weer niet van je spieren. Spieren worden niet ingezet waarvoor ze bedoeld zijn: Kracht leveren. Door deze passiviteit kunnen veel klachten ontstaan óf juist niet overgaan.

Extra hard werken
Je spier die een bepaalde tijd ondervraagt is (dus te weinig is geprikkeld), moet daarna ineens gaan bewegen. Dit is zo’n groot verschil, dat je nu door ‘het gewone’ bewegen klachten kan krijgen. Het lijkt dan alsof het aan de activiteit ligt, terwijl het dus goed aan de passiviteit kan liggen. Ik zal een voorbeeld geven;

De overstrekte knie
Wanneer je met je knieën doorgestrekt staat, ik noem dit ‘op slot staan’, dan hang je in je kniegewricht. Je drukt daarbij extra op je meniscus (de kussentjes in je knieën). Je bovenbeenspier geeft niet veel kracht om zo te staan. Je botten hangen op elkaar, lekker lui hangen. Voor veel mensen voelt dit heerlijk en normaal. Op het moment dat je dan wilt gaan lopen, rennen of springen, moeten die bovenbeenspieren (en kuitspieren, gewrichtsbanden etc.) ineens extra veel kracht genereren. Ze moeten eerst ‘uit het slot’ en dan ook nog eens buigen en strekken om de beweging te kunnen maken. Deze overgang is dan zo groot, daarom kunnen je spieren wel eens gaan protesteren. Daarom is het handig om de spieren die taak te geven die ze moeten uitvoeren: kracht geven. Het liefst heerlijk gedoseerd, dus knieën altijd uit het slot tijdens het staan (voor de skiërs onder ons, net als in je skischoenen). Wanneer je dus van een lichaamsdeel iets vraagt om het te doen, waarvoor het eigenlijk niet gemaakt is, is het dus sneller overbelast.

Doe jij dit ook?

In welk gewricht hang jij meestal? Hangt jouw hoofd wellicht ver naar voren, of is je rug snel krom? Ik ben benieuwd! Heb jij door dat je hangt? Laat het me weten!

Hangen in je gewrichten en banden; iedereen doet het ongemerkt zo regelmatig. Je doet er eigenlijk niks voor, maar je lijf is eigenlijk heel hard aan het werk! Hier kan je behoorlijk door overbelasten.

Je bent pessimistisch!

3 min leestijd: Je bent pessimistisch!
‘Zo, dit is de één na laatste keer, daarna moet ik klachtenvrij zijn toch?’ Ik krijg het warm en zij… wat doet mijn cliënt?

3 min leestijd.

Doelen stellen
Een doel voor ogen hebben is lekker en praktisch. Je weet waar je naar toe werkt en je weet ook wanneer je dit wilt bereiken. Het voordeel van een doel is dat je het kan evalueren en bijstellen… Alleen vergeten we vaak dat stukje omdat we een doel zo definitief maken en we zo graag willen.

7 behandelingen en klaar
Een jonge vrouw met rugklachten komt mijn behandelkamer binnen. Ik zie haar voor de 6e keer. Ze gaat vooruit. Ze kan nu weer kleine huishoudelijke taken op zich nemen, en weer halve dagen werken. Echter zijn er nog steeds de hele dag door zeurende lage rugklachten. De uitstraling is minder intens en minder vaak aanwezig in de benen dan voorheen. De mobiliteit van de onderrug is toegenomen en de stabiliteit van de gehele romp ook. Terwijl ze gaat zitten zegt ze: ‘zo, dit is de één na laatste keer, daarna moet ik klachtenvrij zijn toch?’

Slik
Ik krijg het even warm en ga snel in mijn hoofd de communicatie wat behandelingen af. Tijdens de intake doe ik een schatting van het aantal behandeling die nodig zijn om een bepaald doel te halen. In haar geval het weer volledig kunnen werken. Toen heb ik geschat op 7 behandelingen. Dit zou dan verdeeld zijn over een periode van 3 maanden. We zijn nu net twee maanden verder.  Waar gaat het hier fout? Gaat het fout?

Wat er allemaal gebeurt is van invloed
Tijdens de twee maanden heeft de vrouw afscheid moeten nemen van familielid. Hierdoor kreeg ze hoofdpijn en spanningsklachten erbij. Toen deze klachten naar boven kwamen heb ik besproken om hier kort de focus op te leggen en haar de ruimte voor te geven. Ze wilde graag ook wat oefeningen om de spanning in de nek en schoudergordel te verminderen. Deze oefeningen gaven haar de rust en de ruimte om tijd voor zichzelf te blijven nemen. Na een korte intermezzo van twee behandelingen kon ze hier verder zelfstandig mee aan de slag en heeft ze een masseur opgezocht.

Ik vind je pessimistisch
‘Zo, dit is de één na laatste keer, daarna moet ik klachtenvrij zijn toch?’ Even is het stil en dan begint ze te lachen. ‘Weet je, ik vond 3 maanden eerst wat pessimistisch toen je dat zei, maar langzamerhand begin ik het te begrijpen. Eerst baalde ik dat ik er nog lang niet ben, maar het herstel gaat langzamer dan gewenst omdat het gewone leven ook doorgaat. Het lijkt er naast te staan, terwijl jezelf ‘beschadigen of overbelasten’ zo gemakkelijk gaat, alsof dat wél in de taken zelf verweven zit. De rem die ik elke keer op mezelf moet zetten om te zorgen dat ik van mijn rugklachten af kom is niet gemakkelijk. Dat had je best goed ingeschat.‘

Doel
Ik laat haar zien dat ze ondanks het verlies een groot verschil in haar bewegingspatroon heeft gemaakt. We kijken samen naar haar coping stijl en zien dat dit aan het veranderen is en dat dit van grote invloed is. Daarnaast laat ik haar zien dat ze al een stuk meer fysiek kan, met minder pijn en dat ze aan het einde van de dag meer energie heeft dan voorheen. Dit allemaal tijdens het verwerken van haar verlies.

PSK – meten is weten –
Op 15 juli 2019 wil mevrouw weer 5 volledige dagen in de week kunnen werken met een score op de PSK van 89 millimeter naar maximaal 23 millimeter op de PSK (meetinstrument). Hierbij is hoe hoger de score hoe slechter. Ga je meer naar de 00mm is het goed. Dit bovenstaande doel was het doel dat we halverwege april hadden gemaakt. Vandaag (17 juni) scoort ze 64mm. Het doel nog lang niet behaald en waarschijnlijk niet haalbaar binnen 4 weken. Maar ze is wel tevreden.

Samen om de tafel
We bespreken wat er nodig is om haar doelen te behalen, hoeveel tijd ze zelf verwacht nodig te hebben, welke omgevingsfactoren we in de gaten moeten houden en welke interne factoren van invloed zijn. Denk hierbij aan een vakantieperiode, aan een baas die wat druk zet, aan het plichtsgevoel wat mevrouw ervaart, aan het oudste kind die naar school gaat wat ze heel spannend vindt, aan haar man die wil sporten waardoor zij wat extra taken krijgt op 2 avonden, de tijd die ze kan nemen voor zichzelf en voor haar oefeningen en de afhandelingen van het verlies.
Daarnaast bespreken we ook welke financiële middelen ze heeft om de therapie voor te zetten. Samen stellen we het doel bij.

Zelf stelde ze het volgende voor en ik denk dat dit haalbaar is:  Op 15 september 2019 wil mevrouw weer 5 volledige dagen in de week kunnen werken met een score op de PSK van 89 millimeter naar maximaal 23 millimeter op de PSK .

meten is weten de weg naar succes

1 minuut pauze

Samenvatting: Ik loop over het station en zie overal (rol-)koffers, mensen met bepakte fietsen waar tentjes op liggen en backpackers. Ineens ademt alles vakantie. Het valt vandaag extra op. Zou ik er ook aan toe zijn? STOP en haal adem!

Leestijd: 1.5 min.

Vakantiegevoelens

Ik loop over het station en zie overal (rol-)koffers, mensen met bepakte fietsen waar tentjes op liggen en backpackers. Ineens ademt alles vakantie. Het valt vandaag extra op. Zou ik er ook aan toe zijn?

Ben jij er ook aan toe? Heb je zelfs al last van opgebouwde stress? Trillende ogen? Vol hoofd? Spanning op je kaken? Een stijve nek? Verminderde concentratie? Komen er oude fysieke klachten weer naar boven? Gaat het sporten minder goed? Stoot je jezelf vaker tegen tafels of deurposten? Of struikel je ineens meer over stoeptegels?
Dan ben jij waarschijnlijk ook toe aan rust!

Jij wel, en je agenda?
Lees in een >>vorig blog << hoe je elke dag vakantie neemt.

Wat kan je nu doen?
STOP!
Stop even 1 minuut. Haal adem. Ga eens zitten en voel hoe je zit, dat je billen daadwerkelijk de stoel raken en verzacht je spierspanning daar waar kan. Volg nu je ademhaling. Rustig in en uit. Wat beweegt er in je lichaam wanneer je ademhaalt? Wat voel je? Je hoeft je ademhaling niet te verdiepen of te vergroten, alleen maar even te volgen. 60 seconden lang. In en uit.

Dwaal je af?

Kom dan weer terug en voel waar je ademhaling binnen komt en hoe je lijf hierop beweegt.
Dat is alles.

60 seconden.
Blijf het volgen.
60 seconden maar.
alleen ademhalen.
60 seconden.
je lijf iets verzachten.
60 seconden.
in en uit.

60 seconden is niks toch? En dit heeft echt al een groot effect op de hersenen en het aanmaken van stresshormonen. 60 seconden is van de zotte eigenlijk wanneer je dit niet kan missen. 1 minuut voordat je de auto uitstapt, 1 minuut wanneer je reist in de trein, 1 minuut wanneer je op de wc zit, 1 minuut wanneer klaar bent met eten. Die ene minuut kan je vast wel ‘missen’. Je lijf en hoofd kunnen dit wel gebruiken! Even aandacht voor wat er is.

Hoe vier jij het beste vakantie?
In een andere blog heb ik het ook de vraag aan jou gesteld op welke manier je het beste vakantie viert. Kijk daar vanavond eens naar. Voldoet je komende vakantie dan ook aan het wensenlijstje? Kan je zorgen dat dit meer overeenkomt?? Wanneer je weet dat er een fijne rustperiode aankomt geven je hersenen al positieve signalen en zal er ook dan minder stresshormoon worden aangemaakt. Hierdoor blijf je ook meer weerbaar voor wat er op dat moment wel op je pas komt.

Stop!
En wat kan je nu doen?
STOP!
Wat je ook aan het doen bent.
Zet je wekker, 60 seconden, haal adem.  
Wat je ook doet, je kan altijd even stoppen.
Adem in en uit
60 seconden rust

1 minuut pauze - De Beweegtherapeut - Oefentherapie Cesar Mensendieck Dordrecht
1 minuut pauze – De Beweegtherapeut – Oefentherapie Cesar Mensendieck Dordrecht

Van plumpudding tot vaatdoek; wat een houding allemaal niet doet!

2 min leestijd:
Een ingezakte plumpudding, een zak aardappelen, een vaatdoekje…‘ Zo noemen mensen zichzelf soms in de praktijk. Mooie benamingen, vind je niet?
De cliënten vergeleken zichzelf met de meest uiteenlopende voorwerpen wanneer ze (bijna) klaar waren met de behandelingen. Ze hadden voor de behandelingen wel in de gaten dat ze bijvoorbeeld energie mistte om rechtop te zitten, maar er geen notie van dat ze juist door het beweeggedrag hun eigen batterij laten leeglopen

2 minuten leestijd.

Van plumpudding tot vaatdoek

Een ingezakte plumpudding, een zak aardappelen, een vaatdoekje…‘ Zo noemen mensen zichzelf soms in de praktijk. Mooie benamingen, vind je niet? Wat ik eigenlijk mooi vind daaraan is dat ze zichzelf zo achteraf of aan het einde van de behandelreeks pas noemen. Dat betekent namelijk dat ze een verandering voelen!

‘De zak aardappelen’
Een jonge vrouw van 16 loopt heen en weer in mijn praktijkruimte omdat ik dat vraag. Ik zie een stijve onderrug, daar waar ze last van heeft, en haar voeten wijzen naar buiten. Ze schopt haar benen licht voor zich uit. Haar bekken staat in een licht verdiepte holling en de romp en armen maken kleine bij-bewegingen. De schoudergordel houdt ze stijf opgetrokken. ‘Ik voel me een zak aardappelen, ik hou mezelf wel bij elkaar, maar ik heb het gevoel dat er steeds wat aardappels verschuiven in mij.’

‘De vaatdoek’
Een man, halverwege 60, leest iedere ochtend de krant, maar voelt zich fysiek dan niet goed. ‘Ik Ben zo slap en krijg mezelf niet goed overeind. Ik hang als een vaatdoekje over mijn krant, Alsof mijn hoofd veel te zwaar is’. Ik zie een man aan mijn bureau zitten op het puntje van zijn stoel met een met een tijdschrift voor zich. Zijn hoofd moet worden ondersteund door zijn handen omdat het zwaar voelt. Hij steekt zijn nek ver naar voren en zijn schouders hangen mee naar voren vanuit een gebogen bovenrug.

‘De plumpudding’
Een vrouw van begin 40 staat en loopt tijdens het onderzoek van de intake heen en weer. De voeten landen vrij hard op de grond, de onderrug is hol, de wervelkolom zakt ook in vanuit de bovenrug en de schouders staan daardoor naar voren gericht. In de meeste gewrichten wordt er gehangen, het lijf wordt niet echt gedragen. ‘Er is weinig energie in mijn lijf en het voelt zwaar, ik voel me net een ingezakte plumpudding’

Mooi achteraf
Bij (bovenstaande) cliënten geldt dat ze vaak zichzelf zo pas vergeleken met de meest uiteenlopende voorwerpen wanneer ze (bijna) klaar waren met de behandelingen. Ze hadden voor de behandelingen wel in de gaten dat ze bijvoorbeeld energie mistte om rechtop te zitten, maar er geen notie van dat ze juist door het beweeggedrag hun eigen batterij laten leeglopen.  Pas toen ze voelde wat het was om de krachten juist te verdelen over het lichaam (wat niet altijd zonder slag of stoot gaat) merkten ze op hoe ze voorheen liepen, zaten, afwas deden, werkten etc. 
Soms merken cliënten al direct verschil tijdens het onderzoek wanneer ik aanwijzingen geef om te veranderen. Wanneer ze daarna voor hun gevoel weer ‘normaal’ lopen voelen ze ineens waar ze stabiliteit in hun lichaam missen. Soms merken cliënten pas het verschil wanneer ze de nieuwe houdingen een tijdje kunnen volhouden en heeft het lichaam (en hoofd) tijd nodig om er aan te wennen voordat ze verschil voelen.

En wat zie ik?
Ik zie geen vaatdoekjes, plumpuddingen of zakken aardappelen. Ik zie mensen die onhandige spieren hebben gekozen om stabiliteit te maken. Het lijf is in protest en kan hierdoor pijnsignalen afgeven. Voorlopers van die pijnsignalen kunnen bijvoorbeeld immobiliteit, ‘strak gevoel’ of verminderde kracht of energie zijn. Het is jammer dat we die voorlopers alleen vaak niet opmerken.
Want hoe vaak heb jij iets veranderd zonder dat er een duidelijk (pijn-) signaal komt dat iets niet goed is?

Gratis gezondheidscheck
Twijfel je of je ook een pudding of een zak aardappelen bent? Of wil je je eigen voorwerp waarmee je je kan identificeren ontdekken?
Schrijf je in voor een geheel vrijblijvend en gratis houdingscheck via >>deze << link en de beweegtherapeut neem contact op om een afspraak met je te maken.

Van plumpudding tot vaatdoek; wat houding allemaal met je doet!

Coachen in de poetsdrift met rugklachten.

Samenvatting: (Privé-) Coaches om je heen zijn fijn om gedragsveranderingen te kunnen inzetten en volhouden. Maar wanneer is dit teveel? En heb je dit als therapeut in de gaten? Wat doen we ermee? Hieronder een fragment uit de praktijk

Leestijd: 1,5 minuut

Let je even op?
‘Saskia let je nog even op? Weet je nog wat je wilde? Houd je je doelen in de gaten? ‘ Ik vind het heel prettig dat ik vrienden en familie heb die me een beetje in de gaten houden. Ook al kan ik zelf heel goed bedenken wat wijs en goed is. Het is fijn als je zo allerlei ‘coaches’ hebt die het beste met je voor hebben, maar dat kan natuurlijk soms ook heel irritant zijn!

De vrouw in de praktijk
Zo ook had ik mij in de eerste 20 minuten wat vergist bij een vrouw in de praktijk. Tijdens de intake vertelde ze over haar rugklachten. Haar man die mee was vulde de informatie aan. Handig om twee perspectieven te hebben. Het gesprek verliep heel ontspannen. Een eerste opzet van het behandelplan was al vrij snel duidelijk. Er werden wat luchtige grappen gemaakt over hoe fijn het is dat je man ook coach is van je bewegingsgedrag, dat hij haar terugfluit en dat het praktisch was dat hij bij de intake is. Maar dat ze samen moeten uitzoeken of hij er elke keer bij is. Omdat het voor mij als therapeut niet uit maakt.

Op het einde werd door de aanvullingen duidelijk dat mevrouw een poetsliefhebber is. De vrouw keek ietwat schuldig toen dit naar boven kwam. Dus benadrukte ik dat het juist goed is om beweging te blijven, alleen dan wel in balans met rust en goed luisteren naar het lichaam. ‘Ik doe al veel minder dan vroeger, dus dat gaat goed’ Zei ze. ‘Het is niet meer het vaste patroon van maandag de was, dinsdag stoffen en stofzuigen etc.‘ Haar man gaf echter aan dat ze nog steeds graag (te) veel wilt doen en hierin te ver gaat. ‘Ik help haar nu in alles maar dat is voor mij ook fysiek belastend. Ik doe het graag, maar ik wil ook rust. Ze zegt dat ik niet hoef te helpen, maar ze heeft zoveel meer last wanneer ik het niet doe ‘

‘beweging’ tot poetsdrift
Op zo’n moment besef je dat er verschillende beweegredenen zijn voor het poetsen. Op een natuurlijk manier ging de man halverwege de intake weg richting de wachtkamer toen ik mijn fysieke onderzoek inzette. We hebben toen nog even verder gepraat over de poetsdrift. ‘Het geeft mij ook voldoening om dit te doen. Al zou ik er een hele dag over doen ik wil dit graag zelf blijven doen’. Aldus de vrouw.

Onafhankelijkheid is vaak een grote motivator tot (over-) belasting.

‘….en ik vind het heerlijk om dit alleen te doen. Tegenwoordig helpt hij overal bij. Ik word daar ook een beetje gek van hoe lief het ook is. Ik zie hem en hoor hem de hele dag, maar ik wil graag dat hij zijn eigen dingen weer gaat doen, dan kan ik dat ook doen.’ ‘Zullen we dan de behandelingen gewoon een-op-een houden?’ vroeg ik met een knipoog. ‘Deze 30 minuten zijn helemaal voor jou. Je kan zelf altijd kijken wat je wel of niet verteld’. Dankbaar keek ze me aan en ik zag de ademhaling naar de buik gaan en de spierspanning zakken. Stap 1 naar herstel werd gezet.

Onafhankelijkheid en eigen regie over je leven
Coaches zijn heel fijn, maar je onafhankelijkheid en eigen regie over je leven houden is een groot goed. De invloed hiervan en van de omgeving kunnen we niet vergeten als (oefen-)therapeuten. We kunnen de omgeving vaak inzetten en gebruiken, maar enthousiaste privécoaches moeten we soms ook beteugelen. De cliënt in kwestie heeft namelijk ruimte nodig voor ontwikkeling

Wie kan jou goed coachen?
Wie is jouw fijne coach?
En weet je waarom hij/zij een fijne coach is? Wat doet hij/zij?

coachen in de praktijk en in je eigen omgeving