De beste training

Je traint wat je wilt veranderen, maar wat is nu de beste training? Geldt dat hetzelfde in de sport als voor een verandering in het houdings- en bewegingsgedrag?

Wat is de beste training?
Bezweet, licht vermoeid en hijgend kijken ze me aan. De groep mensen voor me heeft net een fikse sprint getrokken. Tijdens de bootcamptraining die ik geef, zijn we ook altijd met conditie bezig. Geregeld geef ik verschillende soorten ren-oefeningen. Ik krijg de volgende vraag: ‘Wat is nou de beste training? ‘ Dat is niet zo makkelijk te beantwoorden. Heel veel facetten van het trainen schieten door mijn hoofd, nu nog kort en begrijpelijk verwoorden terwijl ik training geef.  Ik besluit om een oefening tussendoor te geven waardoor ik de ruimte heb om wat uitleg te geven aan de vraagsteller.

‘Allemaal ellebogen op de grond en tenen op de grond! We gaan vandaag 2 minuten lang planken. Let op je techniek. Schouderbladen licht naar elkaar toe en je bekken in de middenstand. De tijd gaat nu in!’

Wordt je beter in tennis wanneer je squasht?
Er is geen één beste manier van trainen leg ik uit. Het hangt er van af wat je wil trainen. De een wil sterker en krachtiger worden, de ander leniger. De een wil een halve marathon kunnen rennen en de ander wil snel kunnen sprinten. Trainingspecifiteit is van belang.  Wil jij goed worden in tennis, dan zal je veel moeten tennissen. Bij een goed tennisspel komt ook conditie, armkracht en snelheid van pas. Dus een potje squash zou kunnen bijdragen aan het trainen van de sport, maar wanneer je alleen maar squasht, komen je tennis-skills nooit tot een hoger niveau. Je squashspel daarentegen wel. Datgene wat je traint, dat wordt sterker. Hoe meer je traint, rekening houdende met hersteltijd en trainingsniveau, des te beter je wordt. Het aantal ‘vlieguren’ maakt een verschil.

Jezelf een houding geven
Om een betere houding te krijgen werkt het exact hetzelfde. Wat wil je kunnen? Goed rechtop staan voor de klas of in de keuken, of werkdagen zittend achter een pc volhouden of liever de hele dag klussen? Alles vraagt een totaal ander belastingniveau per persoon. Kracht, lenigheid, mobiliteit en coördinatie heb je overal voor nodig, maar op een andere manier. Fysiek fit zijn is voor iedereen belangrijk, en voor iedereen zal het positief bijdragen om sportief bezig te zijn. Alleen wat fysiek fit en ‘sportief bezig zijn’ inhoudt is zeer verschillend. Leer je bij mij in de praktijk met Oefentherapie Cesar / Mensendieck om je houding te veranderen in de staande positie, dan is dat nuttig. Behalve wanneer je uren achter een computer kruipt. Trainingspecifiteit is in de praktijk van belang. Wat voor activiteit voer je uit, in welke omgeving en hoe lang wil je dit kunnen uitvoeren.  Het doel moet duidelijk zijn.

Ik wil…
‘ah, dat begrijp ik wel’ zegt de vrouw in kwestie terwijl ze omhoog naar me kijkt. ‘Ik wil graag de snelste worden van de groep’ zegt ze met een knipoog. ‘Op de korte of lange afstand?’ vraag ik. Even kijkt ze me verward aan en snapt dan dat het echt specifiek is. ‘Op welke afstand je ook sneller wilt worden, meer rennen is dan sowieso handig. Als je meer wilt weten wat je exact kan doen en hoe je je trainingen kan opbouwen, kom dan even langs in de praktijk. Dan heb ik de tijd en kunnen we samen helder krijgen wat je doel is.’

‘Ik wil slanker worden’ zegt nu iemand anders ‘Ik moet dan duursporten gaan doen toch? En wat doet deze bootcamptraining dan met me?’ Nog een goede vraag, maar lastig te beantwoorden in de 30 seconden die ik nog over heb voor het planken. ‘Afslanken door het sporten lijkt zo logisch maar is een stuk ingewikkelder dan het lijkt. Je moet voldoende voedingsstoffen tot je nemen, maar ook niet teveel. Je hebt spiermassa nodig om vet te verbranden, dus kracht is degelijk van belang. Sporten kan ene belangrijke bijdrage leveren, maar wanneer je activiteitenniveau gedurende dag laag is, is het effect vele malen minder. Kilo’s zijn niet leidend in het afvalproces aangezien spiermassa zwaarder is dan vet, maar minder plaats inneemt. Wil je sterke korte spieren of wil je lange spieren en lenig zijn? Al deze dingen zijn van belang. Dus die vraag kan ik beantwoorden, maar als je een volledig antwoord wilt met wat dat inhoudt, dan moeten we een ander moment daar tijd voor inplannen.’

Aftellen
‘Hou vol, ik ga aftellen! Nog 3, 2, 1 en stop maar met planken. Wat jullie ook willen trainen, de conditie via het rennen en wat kracht door het planken is sowieso goed om op pijl te houden. En door de vragen hebben jullie gewoon 30 seconden extra geplankt’
Licht trots kijken er een paar mensen me aan. 2,5 minuut planken is niet niks!
‘Hoe komt het dan dat wanneer we zo kletsen tijdens het planken het veel makkelijker vol te houden is dan wanneer we niets bespreken?’ Weer zo’n leuke, maar niet snel te beantwoorden vraag.

Daarover later meer, nu weer aan de slag!

Wat train jij nu? Staan? Zitten? Lopen? Liggen?

Laat het me weten via swjligt@gmail.com en samen kunnen we kijken welke manier van trainen jou helpt om jouw doel te bereiken.

wat is de beste training?

Je lijf kiest de weg van de minste weerstand, en je hoofd?

3 min leestijd:
fragment: ‘Maar nu voel ik juist wat!? Waarom is deze manier van tillen dan juist goed? De man voor mij kijkt me verbaasd aan.

De man die voor mij staat is groot en heeft aardig wat spiermassa. Duidelijk de bouw van iemand met een fysiek beroep. Voor zijn werk moet hij veel tillen.

3 minuten leestijd

‘Maar nu voel ik juist wat!? Waarom is deze manier van tillen dan juist goed?’ De man voor mij kijkt me verbaasd aan.  

De man die voor mij staat is groot en heeft aardig wat spiermassa. Duidelijk de bouw van iemand met een fysiek beroep. Voor zijn werk moet hij veel tillen. Er worden ook wel kranen gebruikt, maar die passen niet altijd. Zo komt het geregeld voor dat hij buizen van minimaal 25 kilo een stukje moet verplaatsen. An sich geen probleem, maar wel als je uitstralende pijn hebt in je armen door een zenuw die bekneld wordt.
Wanneer hij tilt doet hij dat met zijn schouders naar voren en heeft hij op dat moment zelf geen last. Echter wanneer hij weer tot rust komt, komen de klachten sterk opzetten. Sterke steken in de bovenarm met tintelingen naar zijn vingers toe.

Structuren in de knel
Tijdens zijn eigen manier van tillen zet hij voornamelijk de borst- en nekspieren in. Zijn rugspieren gebruikt hij natuurlijk wel, maar laat hij niet stabiliserend (genoeg) werken. Hierdoor moet de spieren rondom de schoudergordel extra veel krachten verduren. Ze zullen hierdoor extra aangesproken worden en ontwikkelen. Iedereen weet dat de spieren die meer ontwikkeld zijn, meer plek innemen dan relatief normaal ontwikkelde spieren. (Denk maar aan je spierballen die opbollen wanneer je ze aanspant). En wanneer iets meer plek inneemt, is er soms minder of te weinig plek voor andere structuren in het lijf.  Doordat er op deze manier van tillen onder andere een sterke voorkeurshouding wordt ontwikkeld met de schouders naar voren, zie je dit ook terug in het staan en zitten. Dit werkt natuurlijk ook andersom! Hoe meer hij met zijn schouders naar voren zit en staat, hoe gemakkelijker het is om voor hem te tillen op deze manier. De spieren aan de voorzijde zijn hierdoor iets verkort.
Wanneer er geen klachten zijn (of geen grote kans is dat ze er komen) zou hier geen probleem zijn. Helaas ervaart deze man wel sterke klachten en kan hij zijn werk niet goed meer uitvoeren. Doordat hij bepaalde spieren overbelast en hierdoor uiteindelijk ook de zenuw mee irriteert, komt de (zenuw-) pijn opzetten.

Aanpak
Voor deze man is het belangrijk om de spierkracht zo gelijkmatig mogelijk te verdelen en de spieren de functie te laten uitvoeren waarvoor ze bedoeld zijn. Samen hebben we gekeken naar hoe hij de gehele rug- en buikspieren ondersteunend kan inzetten. Hierdoor ontlast hij de schoudergordel en de nekspieren. Deze spieren geven natuurlijk wel kracht en hebben een belangrijke functie, maar ze moeten niet het gehele gewicht tillen.

Dilemma
Alleen…. Nu ervaart hij dus wél klachten tijdens het tillen. Doordat hij zijn schoudergordel nu in de middenstand houdt, bollen de spieren tijden het tillen op in een andere stand dan normaal. Hierdoor is er nu even minder ruimte voor alle andere structuren van het lijf (zenuwen, bloedbanen, spieren etc), en wordt de zenuw direct even geïrriteerd. De spieren zullen even moeten wennen aan deze nieuwe ‘gebruikersstand’. Wanneer de vezels op een iets andere manier gaan liggen (door gebruik) dan zal het effect pas duidelijker worden. Dat betekent dat hij zeer goed moet gaan opletten en zijn houding blijvend zal moeten aanpassen.

Motivatie
De man in kwestie zelf gaf aan dat hij in ieder geval een verandering voelde en dat dit betekent dat hij er zelf invloed op kan hebben. Dat gaf hem dan weer een goed gevoel en de moed en motivatie om het te gaan proberen.
Want een houding veranderen is niet zo eenvoudig. Zeker niet wanneer je klachten ervaart bij de verandering. Je lichaam kiest automatisch voor de weg met de weerstand, en zal het liefst de pijn vermijden. De start van de uitdaging van een houdingsverandering is gezet.

Ik ben benieuwd hoe het over twee weken gaat wanneer ik hem weer in de praktijk zie.

schouderpijn, zenuwpijn, oefentherapie cesar / mensendieck