Hangen is overbelasten

2,5 min. leestijd -Hangen in je gewrichten en banden; iedereen doet het ongemerkt zo regelmatig. Je doet er niks voor, maar je lijf is eigenlijk heel hard aan het werk! Hier kan je behoorlijk door overbelasten.

2,5 min. leestijd

Lekker hangen
Terwijl ik wat klets met collega’s in onze keuken voel ik dat ik op één been sta. Ik hang lekker in mijn heupgewricht. Hup, weer even recht op staan! Het is aan het einde van een intensieve dag en ik merk dat mijn hoofd en lijf moe zijn. Het is dan lekker makkelijk om te gaan hangen in je lijf. Doe jij dat ook?

Hoofd, schouders, kniëen …. au
Je kunt op allerlei plekken hangen. Dan bedoel ik niet in het park, maar in allerlei plekken van je lijf. In je enkels, je knieën, je heupen, je onderrug, je bovenrug, je nek en met je hoofd. Het kan ook nog allemaal tegelijkertijd ook! Kun je je er iets bij voorstellen?

Wanneer je dit doet, rek je je gewrichtsbanden op en zet je een constante spanning op die banden (en spieren), die daar helemaal niet hoort. En, nog belangrijker, de spanning die er wél hoort , die vraag je dan weer niet van je spieren. Spieren worden niet ingezet waarvoor ze bedoeld zijn: Kracht leveren. Door deze passiviteit kunnen veel klachten ontstaan óf juist niet overgaan.

Extra hard werken
Je spier die een bepaalde tijd ondervraagt is (dus te weinig is geprikkeld), moet daarna ineens gaan bewegen. Dit is zo’n groot verschil, dat je nu door ‘het gewone’ bewegen klachten kan krijgen. Het lijkt dan alsof het aan de activiteit ligt, terwijl het dus goed aan de passiviteit kan liggen. Ik zal een voorbeeld geven;

De overstrekte knie
Wanneer je met je knieën doorgestrekt staat, ik noem dit ‘op slot staan’, dan hang je in je kniegewricht. Je drukt daarbij extra op je meniscus (de kussentjes in je knieën). Je bovenbeenspier geeft niet veel kracht om zo te staan. Je botten hangen op elkaar, lekker lui hangen. Voor veel mensen voelt dit heerlijk en normaal. Op het moment dat je dan wilt gaan lopen, rennen of springen, moeten die bovenbeenspieren (en kuitspieren, gewrichtsbanden etc.) ineens extra veel kracht genereren. Ze moeten eerst ‘uit het slot’ en dan ook nog eens buigen en strekken om de beweging te kunnen maken. Deze overgang is dan zo groot, daarom kunnen je spieren wel eens gaan protesteren. Daarom is het handig om de spieren die taak te geven die ze moeten uitvoeren: kracht geven. Het liefst heerlijk gedoseerd, dus knieën altijd uit het slot tijdens het staan (voor de skiërs onder ons, net als in je skischoenen). Wanneer je dus van een lichaamsdeel iets vraagt om het te doen, waarvoor het eigenlijk niet gemaakt is, is het dus sneller overbelast.

Doe jij dit ook?

In welk gewricht hang jij meestal? Hangt jouw hoofd wellicht ver naar voren, of is je rug snel krom? Ik ben benieuwd! Heb jij door dat je hangt? Laat het me weten!

Hangen in je gewrichten en banden; iedereen doet het ongemerkt zo regelmatig. Je doet er eigenlijk niks voor, maar je lijf is eigenlijk heel hard aan het werk! Hier kan je behoorlijk door overbelasten.

Van plumpudding tot vaatdoek; wat een houding allemaal niet doet!

2 min leestijd:
Een ingezakte plumpudding, een zak aardappelen, een vaatdoekje…‘ Zo noemen mensen zichzelf soms in de praktijk. Mooie benamingen, vind je niet?
De cliënten vergeleken zichzelf met de meest uiteenlopende voorwerpen wanneer ze (bijna) klaar waren met de behandelingen. Ze hadden voor de behandelingen wel in de gaten dat ze bijvoorbeeld energie mistte om rechtop te zitten, maar er geen notie van dat ze juist door het beweeggedrag hun eigen batterij laten leeglopen

2 minuten leestijd.

Van plumpudding tot vaatdoek

Een ingezakte plumpudding, een zak aardappelen, een vaatdoekje…‘ Zo noemen mensen zichzelf soms in de praktijk. Mooie benamingen, vind je niet? Wat ik eigenlijk mooi vind daaraan is dat ze zichzelf zo achteraf of aan het einde van de behandelreeks pas noemen. Dat betekent namelijk dat ze een verandering voelen!

‘De zak aardappelen’
Een jonge vrouw van 16 loopt heen en weer in mijn praktijkruimte omdat ik dat vraag. Ik zie een stijve onderrug, daar waar ze last van heeft, en haar voeten wijzen naar buiten. Ze schopt haar benen licht voor zich uit. Haar bekken staat in een licht verdiepte holling en de romp en armen maken kleine bij-bewegingen. De schoudergordel houdt ze stijf opgetrokken. ‘Ik voel me een zak aardappelen, ik hou mezelf wel bij elkaar, maar ik heb het gevoel dat er steeds wat aardappels verschuiven in mij.’

‘De vaatdoek’
Een man, halverwege 60, leest iedere ochtend de krant, maar voelt zich fysiek dan niet goed. ‘Ik Ben zo slap en krijg mezelf niet goed overeind. Ik hang als een vaatdoekje over mijn krant, Alsof mijn hoofd veel te zwaar is’. Ik zie een man aan mijn bureau zitten op het puntje van zijn stoel met een met een tijdschrift voor zich. Zijn hoofd moet worden ondersteund door zijn handen omdat het zwaar voelt. Hij steekt zijn nek ver naar voren en zijn schouders hangen mee naar voren vanuit een gebogen bovenrug.

‘De plumpudding’
Een vrouw van begin 40 staat en loopt tijdens het onderzoek van de intake heen en weer. De voeten landen vrij hard op de grond, de onderrug is hol, de wervelkolom zakt ook in vanuit de bovenrug en de schouders staan daardoor naar voren gericht. In de meeste gewrichten wordt er gehangen, het lijf wordt niet echt gedragen. ‘Er is weinig energie in mijn lijf en het voelt zwaar, ik voel me net een ingezakte plumpudding’

Mooi achteraf
Bij (bovenstaande) cliënten geldt dat ze vaak zichzelf zo pas vergeleken met de meest uiteenlopende voorwerpen wanneer ze (bijna) klaar waren met de behandelingen. Ze hadden voor de behandelingen wel in de gaten dat ze bijvoorbeeld energie mistte om rechtop te zitten, maar er geen notie van dat ze juist door het beweeggedrag hun eigen batterij laten leeglopen.  Pas toen ze voelde wat het was om de krachten juist te verdelen over het lichaam (wat niet altijd zonder slag of stoot gaat) merkten ze op hoe ze voorheen liepen, zaten, afwas deden, werkten etc. 
Soms merken cliënten al direct verschil tijdens het onderzoek wanneer ik aanwijzingen geef om te veranderen. Wanneer ze daarna voor hun gevoel weer ‘normaal’ lopen voelen ze ineens waar ze stabiliteit in hun lichaam missen. Soms merken cliënten pas het verschil wanneer ze de nieuwe houdingen een tijdje kunnen volhouden en heeft het lichaam (en hoofd) tijd nodig om er aan te wennen voordat ze verschil voelen.

En wat zie ik?
Ik zie geen vaatdoekjes, plumpuddingen of zakken aardappelen. Ik zie mensen die onhandige spieren hebben gekozen om stabiliteit te maken. Het lijf is in protest en kan hierdoor pijnsignalen afgeven. Voorlopers van die pijnsignalen kunnen bijvoorbeeld immobiliteit, ‘strak gevoel’ of verminderde kracht of energie zijn. Het is jammer dat we die voorlopers alleen vaak niet opmerken.
Want hoe vaak heb jij iets veranderd zonder dat er een duidelijk (pijn-) signaal komt dat iets niet goed is?

Gratis gezondheidscheck
Twijfel je of je ook een pudding of een zak aardappelen bent? Of wil je je eigen voorwerp waarmee je je kan identificeren ontdekken?
Schrijf je in voor een geheel vrijblijvend en gratis houdingscheck via >>deze << link en de beweegtherapeut neem contact op om een afspraak met je te maken.

Van plumpudding tot vaatdoek; wat houding allemaal met je doet!

Hard werken is soms niks doen

Fragment: Met grote gratie struikel ik en land ik met beide knieën hard op de betonnen tegels. Mijn linkerknie heeft duidelijk eerst de val gebroken en daarna de rechter. Het voelt direct aan alsof het dik gaat worden. Er wordt snel ijs gehaald om de zwelling te stoppen. Van binnen baal ik; mijn hardloopschema ging net ontzettend goed en ik voelde me fit. Ik heb geen behoefte aan ‘revalidatie’ de komende weken>> lees meer

2 min leestijd

Klunzenkoningin
Met grote gracieusheid struikel ik en land ik met beide knieën hard op de betonnen tegels. Mijn linkerknie heeft duidelijk eerst de val gebroken en daarna de rechter. Het voelt direct aan alsof het dik gaat worden. Er wordt snel ijs gehaald om de zwelling te stoppen. Van binnen baal ik; mijn hardloopschema ging net ontzettend goed en ik voelde me fit. Ik heb geen behoefte aan ‘revalidatie’ de komende weken.

Hersteltijd
Niemand heeft ooit behoefte aan revalidatie- of hersteltijd. Ik ben nog nooit iemand in de praktijk tegen gekomen die me vertelde dat het goed uit kwam dat hij/zij zijn arm had gebroken, een hernia heeft of een burn-out. We zeggen het wel eens; ‘het zou wel lekker zijn om ziek thuis te zitten; even rust, even de dingen doen die we willen doen’. Het probleem van ziek zijn is dat je ziek bent. Je kan vaak niet zo heel veel anders. De dingen die je doet kosten meer tijd en energie. Dus die oude foto-albums afmaken die al eeuwen op je to-do-lijst staan lukt dan helemaal niet.

Inspanning op elk niveau
Iedereen heeft voor zichzelf doelen of plannen waar ze aan werken. Dingen die ze willen voltooien. Voor de ene is het blijven sporten op niveau, voor de ander kan dat het huishouden draaiende houden zijn. Vergis je ook niet in dat werk ook fysiek zwaar kan zijn. Zowel de statische (zittende of staande) beroepen als de dynamische (waarbij veel en soms zwaar bewogen wordt) beroepen.  De herhaling van dezelfde soort beweging of de duur waarmee je een lichaam belast kan het zwaar maken.

Schop onder je kont of afremmen
Sommige cliënten moet je een ‘schop onder de kont’ geven, maar anderen moet je juist afremmen. Ik weet als therapeut niet wat ik uitdagender vind. Bij een ‘schop onder iemand zijn kont’ gaat het er vaak om, om samen het vertrouwen op te bouwen dat er een verandering kan komen en de goede begeleiding geven dat de cliënt ook verandering ziet. De verandering kan hem dan zitten in bewegingen, in pijnbeleving, in activiteitenniveau, in grenzen stellen etc.
Bij het afremmen van een cliënt moeten je opletten dat je niet de inzet tempert maar wat diegene doet met zijn inzet. Vaak zijn dit de doorzetters en de ‘rouwdouwers’. Die hebben het nodig om te voelen waar de (fysieke) grenzen liggen en tussendoor (relatieve) rust te nemen. Ook zij hebben het vertrouwen nodig dat dit een verandering gaat brengen. Zij werken het hardst als ze weinig doen.

Mijn knie
Ikzelf hou wel van aanpakken en gaan, actie in de taxi! Na twee weken rust voor mijn knie (niet hardgelopen, geen lange wandelingen met rugzak gemaakt etc.) Leek mijn knie rustig en dus prima. Een kort stukje hardlopen en dat ging goed. Wat was het fijn om weer lekker bezig te zijn! Direct de smaak te pakken en een tweede keer geweest diezelfde week.
Helaas… ’s avonds in het weekend was mijn knie weer iets warm en zat er wat vocht in. Klassieke ‘rouwdouwers-valkuil’
Ik heb eerder al geleerd dat ook al wil je nu iets, als je nu over je grenzen heen gaat je hier op de lange termijn problemen van kan ondervinden. Een van mijn ‘privécoaches’ (zie vorige blog) zei eens: korte termijn fijn is lange termijn pijn. Korte termijn pijn is lange termijn fijn.
Naar maar waar. Dus nu letterlijk pas op de plaats.

Het wachten waard
Voor dit herstel staat 6 weken en zou dus ongeveer eindigen wanneer mijn vakantie begint. Het lange termijndoel is gezet. Want ik wil wel lekker zonder klachten op vakantie kunnen. Dat betekent een rem op mijn explosieve activiteiten (hardlopen etc) maar wel voldoende bewegen (geen probleem). Rustige stabiliteitsoefeningen zijn prima. Even ben ik weer mijn eigen cliënt. Ik mag nu dus heel hard werken door relatief ‘niks’ te doen.
En ja.. dan ben ik dus net zo gefrustreerd als iemand anders die zijn tijd voor het lopen aan het opbouwen was, of het huis aan het schilderen is maar dit moet afbreken i.v.m. een blessure, of de vrachtwagenchauffeur die zoveel pijn heeft door het lange zitten en daardoor alleen maar de korte ritjes kan uitvoeren.  
Korte termijn pijn is lange termijn fijn.
Korte termijn pijn is lange termijn fijn.
Korte termijn pijn is lange termijn fijn.

Ik zeg het nog maar een keer tegen mezelf zoals ik dat tegen mijn cliënten zou zeggen. Op sommige dingen is het namelijk het wachten waard. Mooie vakantieplannen bijvoorbeeld.

de beweegtherapeut, kniepijn en herstel