Je bent pessimistisch!

3 min leestijd: Je bent pessimistisch!
‘Zo, dit is de één na laatste keer, daarna moet ik klachtenvrij zijn toch?’ Ik krijg het warm en zij… wat doet mijn cliënt?

3 min leestijd.

Doelen stellen
Een doel voor ogen hebben is lekker en praktisch. Je weet waar je naar toe werkt en je weet ook wanneer je dit wilt bereiken. Het voordeel van een doel is dat je het kan evalueren en bijstellen… Alleen vergeten we vaak dat stukje omdat we een doel zo definitief maken en we zo graag willen.

7 behandelingen en klaar
Een jonge vrouw met rugklachten komt mijn behandelkamer binnen. Ik zie haar voor de 6e keer. Ze gaat vooruit. Ze kan nu weer kleine huishoudelijke taken op zich nemen, en weer halve dagen werken. Echter zijn er nog steeds de hele dag door zeurende lage rugklachten. De uitstraling is minder intens en minder vaak aanwezig in de benen dan voorheen. De mobiliteit van de onderrug is toegenomen en de stabiliteit van de gehele romp ook. Terwijl ze gaat zitten zegt ze: ‘zo, dit is de één na laatste keer, daarna moet ik klachtenvrij zijn toch?’

Slik
Ik krijg het even warm en ga snel in mijn hoofd de communicatie wat behandelingen af. Tijdens de intake doe ik een schatting van het aantal behandeling die nodig zijn om een bepaald doel te halen. In haar geval het weer volledig kunnen werken. Toen heb ik geschat op 7 behandelingen. Dit zou dan verdeeld zijn over een periode van 3 maanden. We zijn nu net twee maanden verder.  Waar gaat het hier fout? Gaat het fout?

Wat er allemaal gebeurt is van invloed
Tijdens de twee maanden heeft de vrouw afscheid moeten nemen van familielid. Hierdoor kreeg ze hoofdpijn en spanningsklachten erbij. Toen deze klachten naar boven kwamen heb ik besproken om hier kort de focus op te leggen en haar de ruimte voor te geven. Ze wilde graag ook wat oefeningen om de spanning in de nek en schoudergordel te verminderen. Deze oefeningen gaven haar de rust en de ruimte om tijd voor zichzelf te blijven nemen. Na een korte intermezzo van twee behandelingen kon ze hier verder zelfstandig mee aan de slag en heeft ze een masseur opgezocht.

Ik vind je pessimistisch
‘Zo, dit is de één na laatste keer, daarna moet ik klachtenvrij zijn toch?’ Even is het stil en dan begint ze te lachen. ‘Weet je, ik vond 3 maanden eerst wat pessimistisch toen je dat zei, maar langzamerhand begin ik het te begrijpen. Eerst baalde ik dat ik er nog lang niet ben, maar het herstel gaat langzamer dan gewenst omdat het gewone leven ook doorgaat. Het lijkt er naast te staan, terwijl jezelf ‘beschadigen of overbelasten’ zo gemakkelijk gaat, alsof dat wél in de taken zelf verweven zit. De rem die ik elke keer op mezelf moet zetten om te zorgen dat ik van mijn rugklachten af kom is niet gemakkelijk. Dat had je best goed ingeschat.‘

Doel
Ik laat haar zien dat ze ondanks het verlies een groot verschil in haar bewegingspatroon heeft gemaakt. We kijken samen naar haar coping stijl en zien dat dit aan het veranderen is en dat dit van grote invloed is. Daarnaast laat ik haar zien dat ze al een stuk meer fysiek kan, met minder pijn en dat ze aan het einde van de dag meer energie heeft dan voorheen. Dit allemaal tijdens het verwerken van haar verlies.

PSK – meten is weten –
Op 15 juli 2019 wil mevrouw weer 5 volledige dagen in de week kunnen werken met een score op de PSK van 89 millimeter naar maximaal 23 millimeter op de PSK (meetinstrument). Hierbij is hoe hoger de score hoe slechter. Ga je meer naar de 00mm is het goed. Dit bovenstaande doel was het doel dat we halverwege april hadden gemaakt. Vandaag (17 juni) scoort ze 64mm. Het doel nog lang niet behaald en waarschijnlijk niet haalbaar binnen 4 weken. Maar ze is wel tevreden.

Samen om de tafel
We bespreken wat er nodig is om haar doelen te behalen, hoeveel tijd ze zelf verwacht nodig te hebben, welke omgevingsfactoren we in de gaten moeten houden en welke interne factoren van invloed zijn. Denk hierbij aan een vakantieperiode, aan een baas die wat druk zet, aan het plichtsgevoel wat mevrouw ervaart, aan het oudste kind die naar school gaat wat ze heel spannend vindt, aan haar man die wil sporten waardoor zij wat extra taken krijgt op 2 avonden, de tijd die ze kan nemen voor zichzelf en voor haar oefeningen en de afhandelingen van het verlies.
Daarnaast bespreken we ook welke financiële middelen ze heeft om de therapie voor te zetten. Samen stellen we het doel bij.

Zelf stelde ze het volgende voor en ik denk dat dit haalbaar is:  Op 15 september 2019 wil mevrouw weer 5 volledige dagen in de week kunnen werken met een score op de PSK van 89 millimeter naar maximaal 23 millimeter op de PSK .

meten is weten de weg naar succes

Je lijf kiest de weg van de minste weerstand, en je hoofd?

3 min leestijd:
fragment: ‘Maar nu voel ik juist wat!? Waarom is deze manier van tillen dan juist goed? De man voor mij kijkt me verbaasd aan.

De man die voor mij staat is groot en heeft aardig wat spiermassa. Duidelijk de bouw van iemand met een fysiek beroep. Voor zijn werk moet hij veel tillen.

3 minuten leestijd

‘Maar nu voel ik juist wat!? Waarom is deze manier van tillen dan juist goed?’ De man voor mij kijkt me verbaasd aan.  

De man die voor mij staat is groot en heeft aardig wat spiermassa. Duidelijk de bouw van iemand met een fysiek beroep. Voor zijn werk moet hij veel tillen. Er worden ook wel kranen gebruikt, maar die passen niet altijd. Zo komt het geregeld voor dat hij buizen van minimaal 25 kilo een stukje moet verplaatsen. An sich geen probleem, maar wel als je uitstralende pijn hebt in je armen door een zenuw die bekneld wordt.
Wanneer hij tilt doet hij dat met zijn schouders naar voren en heeft hij op dat moment zelf geen last. Echter wanneer hij weer tot rust komt, komen de klachten sterk opzetten. Sterke steken in de bovenarm met tintelingen naar zijn vingers toe.

Structuren in de knel
Tijdens zijn eigen manier van tillen zet hij voornamelijk de borst- en nekspieren in. Zijn rugspieren gebruikt hij natuurlijk wel, maar laat hij niet stabiliserend (genoeg) werken. Hierdoor moet de spieren rondom de schoudergordel extra veel krachten verduren. Ze zullen hierdoor extra aangesproken worden en ontwikkelen. Iedereen weet dat de spieren die meer ontwikkeld zijn, meer plek innemen dan relatief normaal ontwikkelde spieren. (Denk maar aan je spierballen die opbollen wanneer je ze aanspant). En wanneer iets meer plek inneemt, is er soms minder of te weinig plek voor andere structuren in het lijf.  Doordat er op deze manier van tillen onder andere een sterke voorkeurshouding wordt ontwikkeld met de schouders naar voren, zie je dit ook terug in het staan en zitten. Dit werkt natuurlijk ook andersom! Hoe meer hij met zijn schouders naar voren zit en staat, hoe gemakkelijker het is om voor hem te tillen op deze manier. De spieren aan de voorzijde zijn hierdoor iets verkort.
Wanneer er geen klachten zijn (of geen grote kans is dat ze er komen) zou hier geen probleem zijn. Helaas ervaart deze man wel sterke klachten en kan hij zijn werk niet goed meer uitvoeren. Doordat hij bepaalde spieren overbelast en hierdoor uiteindelijk ook de zenuw mee irriteert, komt de (zenuw-) pijn opzetten.

Aanpak
Voor deze man is het belangrijk om de spierkracht zo gelijkmatig mogelijk te verdelen en de spieren de functie te laten uitvoeren waarvoor ze bedoeld zijn. Samen hebben we gekeken naar hoe hij de gehele rug- en buikspieren ondersteunend kan inzetten. Hierdoor ontlast hij de schoudergordel en de nekspieren. Deze spieren geven natuurlijk wel kracht en hebben een belangrijke functie, maar ze moeten niet het gehele gewicht tillen.

Dilemma
Alleen…. Nu ervaart hij dus wél klachten tijdens het tillen. Doordat hij zijn schoudergordel nu in de middenstand houdt, bollen de spieren tijden het tillen op in een andere stand dan normaal. Hierdoor is er nu even minder ruimte voor alle andere structuren van het lijf (zenuwen, bloedbanen, spieren etc), en wordt de zenuw direct even geïrriteerd. De spieren zullen even moeten wennen aan deze nieuwe ‘gebruikersstand’. Wanneer de vezels op een iets andere manier gaan liggen (door gebruik) dan zal het effect pas duidelijker worden. Dat betekent dat hij zeer goed moet gaan opletten en zijn houding blijvend zal moeten aanpassen.

Motivatie
De man in kwestie zelf gaf aan dat hij in ieder geval een verandering voelde en dat dit betekent dat hij er zelf invloed op kan hebben. Dat gaf hem dan weer een goed gevoel en de moed en motivatie om het te gaan proberen.
Want een houding veranderen is niet zo eenvoudig. Zeker niet wanneer je klachten ervaart bij de verandering. Je lichaam kiest automatisch voor de weg met de weerstand, en zal het liefst de pijn vermijden. De start van de uitdaging van een houdingsverandering is gezet.

Ik ben benieuwd hoe het over twee weken gaat wanneer ik hem weer in de praktijk zie.

schouderpijn, zenuwpijn, oefentherapie cesar / mensendieck